REVIEWStereolith

Review: Stereolith Monitor 232 Audiofiel - de non-conformist


Jamie Biesemans | 27 mei 2021 | Stereolith

SAMENVATTING

Neen, je kunt niet een paar grote vloerstaanders vervangen door één Stereolith-apparaat en hetzelfde resultaat verwachten. Wel kun je met een onopvallende Stereolith-speaker, eventueel aangevuld met een strategisch geplaatste subwoofer, een kamer een heuse soundtrackervaring schenken. En dat met behoud van je interieurharmonie, wat zeker bepaalde mensen zal aanspreken.

PLUSPUNTEN

  • Uniek en doordacht concept
  • Compact, elegant design dat zich makkelijk laat plaatsen
  • Je zit niet gevangen in een kleine sweet spot
  • Dompelt je onder in een opvoering

MINPUNTEN

  • Niet echt voor metal- en rockliefhebbers
  • Enorm geluidsveld is pro, minder accurate plaatsing vergeleken met klassieke stereo-opstelling

Het Zwitserse Stereolith maakt luidsprekers. Maar niet zoals andere luidsprekerbouwers. Hun doel is slechts één apparaat in je woonkamer te plaatsen én toch een kamervullend muziekweergave te leveren. Het bedrijf zelf gebruikt graag het woord ‘holografisch’. Kan dat? Sinds kort is Stereolith sterker aanwezig in Nederland. En dat is een uitgelezen kans om hun claims te onderzoeken. Foto rechts: fcastrosantos.

Stereolith

Stereolith bouwt wat het zelf “holografische geluidssystemen die 3D-weergave mogelijk maken” noemt. Dat is een hele boterham om iets te beschrijven dat – toegegeven – behoorlijk onconventioneel is. Het gaat hier om een speakersysteem in één behuizing dat bovendien heel klein en huiskamervriendelijk oogt, eventueel aangevuld met een aparte Stereolith-subwoofer. Het is dus een audio-oplossing voor wie naar muziek wil luisteren via iets met een kleine voetafdruk. Tegelijkertijd is het geen Sonos Five-alternatief of tegenhanger voor iets als de Naim Mu-so.

Stereolith Monitor 232 Audiofiel

Het klopt dat de Monitor 232 Audiofiel die wij ter test ontvangen ongeveer even groot is als die Sonos-speaker, maar dit is een passieve luidspreker die je moet aansluiten op een eigen versterker (en bron, dat spreekt). De nood aan een muzieksysteem lijkt voor die minimalistische muziekliefhebber een nadeel, maar zo komen we bij de troef die Stereolith uitspeelt. Hun muzieksysteem zit in één doos, maar streeft wel naar het neerzetten van een soundstage van een ongeziene omvang. Niet te vergelijken met die actieve doe-alles-dozen die eerder een monogeluid verspreiden. Groots geluid uit één klein apparaat, het is een boude claim die we al vaak hoorden. Maakt Stereolith het waar?

Zwitsers maar ook Nederlands

Het merk Stereolith is niet nieuw. Een kleine veertig jaar geleden werd het bedrijf opgericht door de Zwitser Walter Schupbach. Recent gaf hij de fakkel door aan Frank Doppenberg, een Zwitser met Nederlandse familie die het merk graag breder in de markt wil zetten. Het basisrecept waarmee Schupbach veertig jaar geleden van start ging, blijft grotendeels onveranderd. Maar Frank wil het wel verfijnen en verbeteren, onder meer door de tuning aan te passen en door nieuwe afwerkingen te voorzien.

De zoektocht naar nieuwe kleuren en materialen is nog gaande, al zie je op sommige foto’s bij deze review waar het Zwitserse merk naartoe wil. Nieuwe luidsprekerstoffen, houtafwerkingen, er worden veel pistes onderzocht om het Stereolith-speakerdesign eigentijds te maken.

Daarom ook dat we van de Nederlandse verdeler Theo Moorman twee Monitor 232 Audiofiel-modellen meekrijgen. Waarom twee stuks? Niet om een stereopaar te vormen (dat is niet de bedoeling bij Stereolith-speakers), wel om het verschil te horen tussen een apparaat dat ‘mainstream’ is afgestemd en een Monitor 232 die eerder voor klassieke muziek is afgestemd. Als je de speaker koopt, kan je namelijk kiezen tussen die twee uitvoeringen. Er wordt nagedacht over nog meer aanpassingen op weergavegebied, vertelt Theo ons.

Er wordt ook een Stereolith Subwoofer aangeleverd. Dit is een optionele aanvulling voor de Monitor 232 Audiofiel. Het past ook bij de grotere Monitor 530 die we hier niet zullen bekijken. Waar de 232 uitgerust is met een dome-tweeter, komt de forsere 530 met een grotere linttweeter.

Afgerond retrodesign

De eerste Monitor 232 Audiofiel waarmee we aan de slag gaan, maakt meteen een goede indruk qua afwerking. Hoewel Stereolith geen grote industriële fabrikant is, is het Zwitserse bedrijf er wel in geslaagd om hele nette speakers te bouwen die op subtiele wijze weten op te vallen. De afgeronde behuizing is iets bijzonders, en geeft de speaker een zeker jaren zeventig-retro-uitstraling. Die indruk wordt versterkt door het gebruikte materiaal, een fraai polycarbonaat waarmee een bijna-naadloze behuizing is gemaakt. In ons geval draagt de Monitor 232 Audiofiel een matwitte kleur. Er zijn echter andere uitvoeringen mogelijk. Het tweede testtoestel bijvoorbeeld pronkt met een zwarte glanslak, en Stereolith biedt nog heel wat andere keuzes. Naast een aantal houtafwerkingen kun je ook gaan voor een exuberant hoogglansgeel of -rood, om maar iets te zeggen. De twee zijkanten van de speaker bestaan bijna volledig uit een zwart luidsprekerdoek. Maar, zoals gezegd, wordt over die kleuren nog duchtig nagedacht. Zo zagen we foto’s van een walnotenuitvoering en eentje met blauw doek. Aangezien de Stereolith-speaker bedoeld is voor mensen die een muziekoplossing zoeken die past bij hun uitgekiende interieur, is het ook logisch dat er op dat vlak ruime keuzes zijn voorzien.

De witte Monitor 232 Audiofiel die we ontvangen staat bovendien op een optionele elegante voet van Stereolith. Deze bestaat uit een slanke metalen buis en een voet uit een stevig plexiglasplaat. Als we hem op een grijze hoogpolige mat plaatsen, zie je die plaat nauwelijks, wat een tof visueel effect oplevert. Het lijkt wel alsof de Stereolith-speaker boven de grond zweeft, wat de unieke uitstraling nog verder versterkt.

Optionele subwoofer kan

Qua afwerking en industrieel design valt de Stereolith op niets negatiefs te betrappen. Het zit prima in elkaar en oogt kostbaar, wat ook passend is gegeven zijn prijskaartje. Dit is geen budgetspeaker. Wel is het zo dat de Monitor 232 Audiofiel er helemaal anders uitziet dan ongeveer elke andere luidspreker die al in deze luisterruimte stond. Dat maakt bijvoorbeeld dat de kleur nog belangrijker wordt dan bij conventionele speakers, want je kijkt vooral op volle vlakken – niet naar een rij drivers op een baffle vooraan, zoals bij conventionele speakers.

De drivers zitten bij de Stereolith-speaker aan de twee zijkanten, verstopt achter luidsprekerdoek. Boven op de speaker zit één tweeter – meteen de enige speaker in dit systeem die recht op jou gericht is. Die tweeter is wel onder een hoek geplaatst. Als je een Monitor 232 Audiofiel op een Stereolith-stand plaatst, staat hij op ongeveer 50 cm van de grond en wijst die tweeter min of meer op je oren. Het lijkt ons ook dat je deze speaker voor het beste resultaat inderdaad lager bij de grond of op een laag tv-meubel moet plaatsen.

De Subwoofer die je optioneel kunt combineren met de Monitor 232 Audiofiel bestaat uit hetzelfde materiaal en afgeronde design. Het gaat hier trouwens om een passieve subwoofer, niet een actieve met een eigen versterker. Je moet dus de luidsprekerkabels die komen van je versterker hierop aansluiten en dan doorlussen naar de Monitor 232 Audiofiel. Bij Stereolith kun je een aangepaste kabel aanschaffen, maar je kunt ook gewone kabel met banaanstekkers gebruiken.

De kamer is de sweet spot

Het akoestische idee achter de Stereolith-speaker is de drivers van het linkse en rechtse kanaal niet direct op de sweet spot moeten gericht zijn. Dat is wel zo bij de meeste luidsprekers, al heb je modellen (zoals die van DALI) die geen toe-in vereisen. Maar zelfs bij die speakers wijzen de drivers min of meer jouw kant uit. Je kijkt er recht op. Niet zo bij Stereolith. Bij zijn design besloot Schupbach aan elke zijde van de Monitor 232 Audiofiel een 13-cm woofer te plaatsen die breed naar de zijkant uitstraalt. Het linkse kanaal straalt naar links, het rechtse kanaal straalt naar rechts van de speaker.

Foto: fcastrosantos

Het idee doet ons spontaan denken aan de speakeropstelling die wijlen Ken Ishiwata graag bovenhaalde op demonstraties. Hij draaide altijd graag zijn twee luidsprekers zo ver in dat ze ergens op een punt een meter voor je gericht waren. Zo kreeg je een ultrabrede sweet spot. Toch zijn er fundamentele verschillen tussen deze Zwitserse speakers en de Ishiwata-filosofie. De Stereolith-aanpak vertrekt immers vanuit één punt – er is maar één toestel – en maakt gebruik van reflecties om een groot geluidsveld te creëren.

De speaker is bij de Zwitsers is ook niet gebonden aan een klassieke plaatsing. Van een stereodriehoek is sowieso geen sprake, want er is maar één apparaat. Je kunt de Monitor 232 Audiofiel waar je wil in de kamer plaatsen: ergens in een hoek, in het midden van de kamer, naast de sofa. Wel gaat waar je hem parkeert uiteraard een invloed hebben op wat je hoort. Reflecties – en dus zaken als de afstand naar muren en hoeken – spelen een grote rol. Kortom, nog meer dan bij een conventionele luidspreker baat het om met de Stereolith te experimenteren qua plaatsing.

Even wennen toch

Je kunt bij Stereolith bijhorende versterkers kopen, zowel een betaalbare digitale versterker als een analoog toestel dat door Atoll Electronics gebouwd wordt. Maar dat hoeft niet, de speaker werkt met elke versterker. We verkiezen om het speakersysteem aan te sluiten op een NAD C 658 en C 298 voor/eindtrap die een vaste plaats in de testruimte heeft. De Purifi EigenTakt-modules in de NAD-eindversterker hebben meer dan genoeg vermogen om de Stereolith aan te sturen. Echt veeleisend is de Monitor 232 Audiofiel met zijn gevoeligheid van 92 dB immers niet. En dankzij de C 658 kunnen we ook probleemloos streamen vanaf Roon. Je sluit de Stereolith-speaker ook echt in stereo aan, dus met twee luidsprekerkabels. Eén voor ieder kanaal.

De speaker doet eigenlijk echt wel wat de fabrikant belooft: een immens groot geluidsveld creëren dat de kamer vult. Het klinkt wel wat anders dan je verwacht, zeker als je oren gewend zijn aan de klassieke stereodriehoek waar je als luisteraar tussenzit. Bij sommige muziekstukken werkt de Stereolith-aanpak ook gewoon beter dan bij andere werken. Bij grote symfonische werken bijvoorbeeld levert de 232 een heel fijne ervaring. Of bij sfeervolle werken die in een grote ruimte lijken te zijn opgenomen, zoals Kenji Kawai’s originele ‘Ghost in a Shell’-soundtrack, met zijn grootse taiko-drums en koorgezang.

De ingetogen sfeer die in deze Oosterse soundtrack zit, wordt 1 op 1 naar de luisterruimte gebracht. Draaien we echter wat progrockmuziek van Mogwai, dan werkt het Stereolith-principe bij deze speaker een stukje minder. Bij andere genres dan verrassend genoeg wel. De soul van Black Pumas of de pop van Lorde bijvoorbeeld. Bij dat soort muziek grepen we uiteindelijk wel naar de parametrische EQ in Roon om een zeer bescheiden bass-lift aan te brengen, maar dat is meer een smaakdingetje. Overigens merken we hier wel een verschil met de zwarte Monitor 232 Audiofiel. Deze lijkt wat meer punch te hebben in het laag, waardoor ‘Brasil’ van EOB heel wat bevredigend is om naar te luisteren. Ook die moderne interpretaties van Beethoven-werken door Thylacine – niet altijd even geslaagd, vinden we – klinken een stukje spannender op deze andere Stereolith-speaker.

Terug naar de witte uitvoering. Een van onze huidige favorieten is ‘They’re Calling me Home’, een album dat Amerikaanse rootzangers Rhiannon Giddens en multi-instrumentalist Francesco Turrisi in volle lockdown in Ierland creëerden. De witte Stereolith maakt er een bijna unieke opvoering van. Opnieuw: het is moeilijk te vergelijken met andere luidsprekers die we hier al hebben gehoord. Om te beginnen weerklinken folkinstrumenten zoals de harmonica en de fiddle aanvankelijk iets dunner dat we graag hebben; het lijkt wel alsof de opvoering gebeurt in een kamer met bepaalde akoestische eigenschappen. Misschien ligt er een tegelvloer, of zo lijkt het. Er is dus een zekere kleuring. Bij de zwarte speaker vinden we het net iets natuurlijker.

Wat vooral opvalt is dat we luisteren naar iets dat we een ‘geluidsveld’ zouden noemen. De verschillen in weergave die je bij twee reguliere speakers krijgt wanneer je uit de sweet spot stapt, zijn hier afwezig. Zelfs wanneer we naar helemaal rechts van de Monitor 232 Audiofiel stappen, blijft dat gevoel van een muzikale deken die over ons heen ligt overeind.

Omdat de Monitor 232 Audiofiel heel diffuus muziek verspreidt, moet je hem niet per se recht voor je neus plaatsen. We verhuizen de speaker zo naar rechts van ons, dichter bij een hoek. Bij een gewone speaker zou je dan meteen denken: “Al het geluid komt van die kant”. Dat is hier veel minder het geval, al kun je met de ogen toe wel nog grofweg de luidspreker lokaliseren. Je hebt wel wat meer flexibiliteit qua waar je de Stereolith zet. Maar je moet toch wat uitproberen om de beste ervaring te krijgen. Gelukkig is het optillen van een Monitor 232 door zijn bescheiden afmetingen en gewicht niet zo’n klus.

Als we weer terugkeren naar de zwarte uitvoering, valt opnieuw op hoe anders het klinkt. Qua design en drivers mogen de twee Stereoliths identiek zijn, door andere filterafstellingen krijg je een groot verschil. Het is dus zeker de moeite waard om de verschillende versies naast elkaar te horen. We verstaan van de Nederlandse importeur bovendien dat Frank Doppenberg op dit vlak nog wil sleutelen. Wordt vervolgd, dus!

Conclusie

Je mag gerust stellen dat een Stereolith-speaker niet vergelijkbaar is met doorsnee luidsprekers. Het laat zich niet makkelijk in een hokje stoppen. Ja, het is slechts ‘één’ speaker. Maar het is toch iets anders dan de vele ééndoosproducten van merken als Sonos of Denon die dikwijls heel gecomprimeerd en dynamisch beperkt klinken. Dat heb je niet bij de Monitor 232 Audiofiel. Het zet psychoakoestiek en een paar slimme knepen in om een echt kamervullend resultaat te bekomen vanuit één punt. Dat levert een mooi live-aanvoelende ervaring bij werken als symfonisch klassiek en barok.

Neen, je kunt niet een paar grote vloerstaanders vervangen door één Stereolith-apparaat en hetzelfde resultaat verwachten. Wel kun je met een onopvallende Stereolith-speaker, eventueel aangevuld met een strategisch geplaatste subwoofer, een kamer een heuse soundtrackervaring schenken. En dat met behoud van je interieurharmonie, wat zeker bepaalde mensen zal aanspreken.

Het ontbreken van een echte sweet spot heeft als bijkomend voordeel dat iedereen van het gezin van een mooie performance kan genieten. De beste prestaties zijn niet voorbehouden voor die kleine sweet spot. Er zijn wel wat beperkingen qua genres (afhankelijk van het model) en je moet bij gebruik van een Stereolith Subwoofer goed kijken naar de plaatsing. Als je weg wil van het klassieke hifi-paadje, dan vind je in deze Stereolith een alternatief dat koppig een eigen weg zoekt – en vindt.

Stereolith Monitor 232 Audiofiel
2.190 euro | www.stereolith.com
Beoordeling 4 op 5

MERK

EDITORS' CHOICE